Oostende, dat is de badstad van mijn jeugd.

Parkeren aan de visserijschool en dan langs het schip Mercator – even halthouden voor een geposeerde foto – door de grote winkelstraat (Kappellestraat Oostende, ja die van Monopoly) naar dijk en zee.

Ontgoocheling omdat we het Lunapark niet in mochten en opwinding bij het zien van de viskraampjes. Alle kraampjes afgaan en dan altijd dezelfde viskoekjes kopen. Een soort van koude slappe fish sticks. Mmm, ik denk dat ze mij nog altijd zouden smaken.

Foodwise verliepen onze uitstapjes naar zee of elders volgens een vast stramien. Aankomst met boterkoeken en koffie uit de thermos (voor de ‘grote mensen’), lunch met sandwiches en pistoleetjes op de parking (frigoboxtoeristen, jawel), een ijsje in de namiddag en ’s avonds frietjes van de frituur. Gouden tijden!

Poseren bij de bootjes, Oostende in de nineties!

 


Sinds de gouden jaren ’90 ben ik niet zo vaak meer in Oostende geweest. Jammer eigenlijk, want ik merk dat er de laatste jaren heel wat te doen is. Ik was dus meteen enthousiast toen ik een uitnodiging kreeg voor een avondje Oostende. Er zou ook een boot en heel wat culinairs aan te pas komen. Misschien was er dan toch niet zo veel veranderd?

Na een geanimeerde autorit met collega-bloggers Myriam en Carla kwamen we aan op Oosteroever, een hippe nieuwe wijk. Denk aan rust, ruimte, lofty appartementsblokken en verfijnde horecazaken. Dat alles met uitzicht op het Visserijdok.

Eerst gingen we aan boord van De Broodwinner, waar drie Oostende topchefs uitleg gaven over verschillende Noordzeevisjes en hoe ze te fileren. Ik zeg hier ‘we’, maar één voet op het steile vissersladdertje en het motto ‘de beste stuurlui staan aan wal’ werd mijn handig excuus. Hoogtevrees, ik?

Wat volgde was helemaal mijn dada. In de keuken van restaurant Marina (prachtige zaak!) gingen we met de chefs van Marina en de collega’s van Brasserie Le Bassin en restaurant Storm aan de slag met lekkers uit de Noordzee. In mijn geval: garnalen pellen en ondertussen tetteren met mijn collega-viswijven ;-).

Na het werk, het diner. Nog aan de toog, met een glaasje wijn dabei, kregen we een hapje lasagne. Het was echt de beste lasagne die ik ooit geproefd heb. Langoustine, wijting, krab en loads of cheese on top. Danku chef Tom Vanhaecke van Le Bassin om dit smaakbommetje in mij culinaire geheugen te droppen. Jammer dat het maar een hapje was. I’ll be back for more!

Aan tafel volgde het ene verfijnde visgerechtje na het andere. Als afsluiter serveerde Chocolatier Olivier Willems een dessert van gerookte chocomousse en passievrucht. Foodbloggen, it’s a hard knock life…

Bij het buitengaan zag ik hoe de chefs van de verschillende restaurants gemoedelijk stonden te keuvelen in de keuken, bij een glaasje wijn. De service zat erop en de keuken was opgeruimd. Een vleugje heimwee naar mijn jobstudentjaren in de horeca stak de kop op. De sfeer zit duidelijk goed op Oosteroever!

Zin om de lekkere gerechtjes van de Oostendse topchefs zelf eens te proeven? Ga dan in het weekend van 22 en 23 juninaar het foodfestival à l’Ostendaise. En neem gerust je frigobox mee, om een portie van die overheerlijke lasagne mee te smokkelen naar huis 😉

Wil je op de hoogte blijven van de leukste foodie adresjes en events uit Oostende? Die vind je op de Facebookpagina Food’Oostende of volgen op Instagram kan ook via @foodoostende.